πŸ·πŸ” Noodplan Prioriteiten: Varkens- en Pluimveebedrijven

Deze lijst combineert de kritieke functies van beide stallen, waarbij de prioriteit is gebaseerd op de snelheid waarmee dierenwelzijn in gevaar komt (tijd gemeten in minuten tot uren).

Prioriteit Toestel/Activiteit Gemiddeld Vermogen (kW) Functie en Noodzaak bij Stroomuitval
1 (Critisch) Stalventilatie & Klimaatregeling (Hoofdventilatoren) 3 kW – 8 kW Levensreddend. Voorkomt binnen minuten verstikking, CO$_2$-ophoping en dodelijke hittestress in gesloten stallen.
2 Noodventilatie (Afzonderlijke noodventilatoren) 1 kW – 3 kW Redundantie. Moet gegarandeerd opstarten als back-up voor de hoofdventilatie.
3 Drinkwaterpompen (Drukpompen/Doseerpompen) 1 kW – 3 kW Dierenwelzijn. Essentieel om uitdroging te voorkomen, vooral bij hitte. Water moet continu beschikbaar zijn.
4 Kritieke Verwarming (Bij biggen/kuikens) 5 kW – 15 kW Dierenwelzijn. Noodzakelijk om onderkoeling en sterfte bij jonge dieren te voorkomen. Seizoens- en diercategoriegebonden.
5 Voertransport (Voerlijnen, vijzels en motoren) 1 kW – 3 kW Voedselvoorziening. Zorgt voor voeding op regelmatige tijdstippen. Kan vaak handmatig of met uitstel worden opgevangen.
6 Verlichting (Stal en kritieke werkruimtes) < 1 kW Veiligheid. Nodig voor personeel om veilig noodprocedures uit te voeren en paniek bij dieren te vermijden.
7 Mestschuiven/Mestpompen 5 kW – 15 kW HygiΓ«ne. Het afvoeren van mest kan over het algemeen uren tot een dag wachten.
8 (Laagst) Eierbanden/Eiersortering (Leghennen) 1 kW – 5 kW Productie. Belangrijk voor het bedrijfsproces, maar kan het langst wachten zonder direct gevaar voor dierenwelzijn.

πŸ”” Focus op Snelheid

Het allerbelangrijkste bij varkens en pluimvee is de snelheid van de reactie. De noodstroomvoorziening moet de ventilatie vrijwel onmiddellijk overnemen. Een automatisch inschakelend noodstroomaggregaat (NSA) met een snelle omschakelaar is hierdoor vaak de beste en meest aanbevolen oplossing.